Twee minuten stilte – de vrijheid schreeuwt niet

wreath-3377472_1920
bron: Pixabay.com

Ik zou het uit willen schreeuwen, op de Dam, tijdens de Dodenherdenking. Een oerschreeuw, uit het diepst van mijn hart. Niet uit disrespect, noch uit wanhoop of om de aandacht te trekken. Nee, uit pure vreugde!

Vreugde om het feit dat ik de vrijheid heb om te schreeuwen, of liever: om te zeggen wat ik denk. Dat wij in vrijheid kunnen leven, ongeacht afkomst, geloof of geaardheid. Die vrijheid hebben we te danken aan de mannen en vrouwen die hun leven gegeven hebben, in de Tweede Wereldoorlog en daarna.

Deze mensen streden tegen racisme, tegen de verderfelijke, misdadige ideeën van de Nazi’s. Ideeën die het slechtste in de mens naar boven brachten, zoals Jodenjagers, die 7,50 Gulden kregen voor iedere Jood die ze aanbrachten. Joden, die vervolgens onder onmenselijke omstandigheden afgevoerd werden naar vernietigingskampen. Opeen gepropt in treinwagons als beesten, in afwachting van hun trieste lot.

In die kampen werden ze ofwel meteen vermoord, ofwel uiterst langzaam. Door uitputting, ondervoeding en mishandeling.

Dat alles omdat ze anders waren, en blijkbaar een bedreiging. Ook andere mensen die om de een of andere reden afwijken van de norm krijgen in toenemende mate te maken met agressie. Discriminatie is van alle tijden, het zal wellicht nooit verdwijnen.

De strijd die we op 4 en 5 mei herdenken, is nooit echt voorbij. Ook nu staat de vrijheid voortdurend onder druk. Iedere roep om ‘minder, minder’ is niets minder dan een aanslag op de vrijheid van ons allemaal. Een vrijheid waar zo hard voor gevochten is, een vrijheid die we niet zomaar op mogen geven.

De vrijheid schreeuwt niet. Ze fluistert zachtjes in je oor, bijna onhoorbaar. ‘Zie mij, hoor mij, beleef mij’. Een smeekbede bijna, een vraag om aandacht.

Schreeuwlelijken zijn er genoeg. Mannen of vrouwen die schreeuwen om aandacht, die zo maar wat roepen. Of juist doelbewust roepen wat mensen willen horen, mensen die denken vanuit hun onderbuik. Ze zaaien haat en onverdraagzaamheid, omdat ze zo kunnen scoren. Hun ideeën, als ze die al hebben, werken volgens mij niet. De wereld zou aardig leeg zijn, als ze hun zin zouden krijgen.

Twee minuten stilte, dat is niet te veel gevraagd. Het offer van de strijders voor de vrijheid verdient respect. Twee minuten denken aan de vrijheid, wat die voor ons betekent.

Als we onze geschiedenis vergeten, zijn we gedoemd haar te herhalen. Dus ben ook ik twee minuten stil. Om 20.03 uur schreeuw ik het uit, van pure blijdschap.

Wankel evenwicht

rollator-3480878_1920
Afbeelding van Jasmin Sessler via Pixabay

Aarzelend kwam ze de winkel binnen, alsof ze niet zeker wist of ze hier wilde zijn. Een stevige kin stak vooruit, een kin waar tante Sidonia jaloers op zou zijn. Haar hoofd stak naar achteren, het leek te zwaar voor haar nek. Een dun, breekbaar lichaam, met twee benige handen die zich vastklemden aan de handvatten van haar rollator. Alsof ze bang was dat die er zonder haar vandoor zou gaan.

Net over de drempel aarzelde ze weer. Ga ik naar links, of ga ik naar rechts? Zo groot was de winkel niet, al was er voldoende te kiezen. Het werd rechts, voor de kijkers thuis links.

Wankel was haar evenwicht, ze had zichtbaar de rollator nodig om overeind te blijven. Ze oogde frêle, breekbaar, iel. Een schim van de kranige vrouw die ze ooit geweest moet zijn, toen ze met ferme tred door het leven ging.

Die tijd lag ver achter haar, een ver vervlogen tijd, nog net zichtbaar in de achteruitkijkspiegel. Het is een teken van vastberadenheid dat iemand zich hierdoor niet laat ontmoedigen. Dat je je wereld niet laat beperken tot je slaapkamer, huiskamer, keuken, toilet en badkamer. Dat je je toch buiten waagt, hoeveel moeite het ook kost. Hoe wankel ook het evenwicht.

Langzaam struinde ze door de winkel, dan weer hier kijkend naar een bloesje, dan weer daar kijkend naar een trui. Even snel als ze gekomen was, verliet ze weer de winkel.

Ineens zag ik haar man, die al die tijd buiten op een bankje zat te wachten. Hij moest zich haasten om zijn vrouw bij te halen, die al op snelheid lag. In de ene hand had hij een riem met daaraan een (jonge) hond, die als een gek aan de riem trok, de man met zich meesleurend. In de andere hand had hij een wandelstok.

Twee mensen, bij wie het evenwicht wankel was geworden. Twee mensen, die zich niet meer op hun evenwichtsgevoel konden verlaten, wat voor de meeste mensen een vanzelfsprekendheid is. Tot je het kwijt bent.

Een teken van een wereld, die aan het afbrokkelen is en steeds kleiner dreigt te worden. Waarbij elke stap je uit je evenwicht kan brengen, alsof je langs een afgrond loopt. Dan is het zaak je niet uit het veld te laten slaan.

Dan moet je alle hulpmiddelen inzetten die je maar kunt, om toch naar buiten te kunnen gaan. Zodat je je horizon, en daarmee je wereld, breed kunt houden.

Spring naar toolbar