Uitverkoop

discount-3078217_1920
Bron: Pixabay.com

Vroeger was het maar een paar keer per jaar uitverkoop. Op de grens van de seizoenen, als de winter met tegenzin plaats maakte voor de zomer, als bomen en struiken weer in blad schoten en de rokjes weer kort werden, maakte de wintercollectie plaats voor de zomercollectie. Om aan het eind van het jaar de omgekeerde weg te bewandelen, als de dagen korter, guurder en natter werden.

Nu lijkt het of het hele jaar door uitverkoop gehouden wordt. Elke week sneuvelen talloze bomen om als folders vol onweerstaanbare aanbiedingen van supermarkten, drogisterijen of een andere winkelketen in onze brievenbussen te belanden.

Veel van die ‘drie voor de prijs van twee’ aanbiedingen zijn alleen aantrekkelijk als je grootverbruiker bent. Als je alleen of met zijn tweeën, is het voordeel beperkt. Tenzij je je vol wil proppen met chips, kroketten of varkenslapjes die in de aanbieding zijn. Of het iets is dat lang houdbaar is.

De prijzen vliegen je om de oren in die folders, kortingen van 30, 40% of zelfs meer worden als heerlijk ruikende worstjes onder je neus gewreven. De worst kan ook vegetarisch zijn, als u dat liever heeft. Zijn die kortingen wel echt kortingen?

Je zou denken van wel, die winkeliers hebben toch geen prijzensjoemelsoftware? De Consumentenbond is duidelijk: de ‘van’-prijs mag geen willekeurig bedrag zijn, het moet een bedrag zijn waarmee in de voorafgaande drie maanden al eens is geadverteerd, aldus een woordvoerder (De Telegraaf 21 november 2018).

Het wordt nog erger. Geheel in Amerikaanse traditie wordt van zo ongeveer elke feestdag een commerciële happening gemaakt, zoals Valentijnsdag, Moeder- en Vaderdag en natuurlijk Sinterklaas en Kerstmis. Om vooral nog meer spullen te kunnen slijten die u en ik niet echt nodig hebben, importeren onze commerciële vrienden nu ook typisch Amerikaanse fenomenen als ‘Black Friday’, Singles Day’ en ‘Cyber Monday’.

Volgens Pablo Druijts van Black Friday Nederland, een organisatie die sinds 2015 alle aanbiedingen bijhoudt (waarvoor dank!), valt er zeker wel voordeel te halen, al gaat het niet zover als aan de overkant van de Grote Plas (De Telegraaf 21 november 2018).

‘Weet goed wat de originele prijs is’, geeft Pablo ons mee. Zoals al gezegd mogen volgens de regels niet willekeurige ‘van’-prijzen genoemd worden, al blijkt uit een steekproef onder 40 webshops die dit najaar gehouden werd: ruim de helft houdt zich niet aan deze regel. Juist ja.

Oftewel: we moeten zelf controleren of de korting wel echt een korting is, door op websites van concurrerende aanbieders te kijken. Verkopers laten eerst de prijs oplopen, om in november of december de prijs te laten zakken, zodat het lijkt alsof we gigantische korting kunnen ‘verdienen’. Of ze vergelijken een tweetal laptops met verschillende specificaties, zodat je niet even of een andere website kunt vergelijken. De rakkers!

Als ik Mark Rutte bezig zie, lijkt het alsof ook Nederland in de uitverkoop gaat. De afschaffing van de dividendbelasting, volgens de premier ‘goed voor de werkgelegenheid’, blijkt ingefluisterd te zijn door Paul Polman, CEO van Unilever. Die wilde het hoofdkantoor naar Rotterdam verhuizen, maar dat vreesde hij er niet door te kunnen krijgen als de dividendbelasting niet afgeschaft zou worden. De afloop kent u.

Mij bekruipt het gevoel dat als het bedrijfsleven naar Rutte roept: ‘Spring!’ hij alleen vraagt: ‘Hoe hoog?’ Als je zo makkelijk 1,9 miljard weggeeft, zonder te weten wat er tegenover staat, dan doe je ons land in de uitverkoop.

Als het zo moet, laat dan maar zitten, die uitverkoop. Als iets te mooi is om waar te kunnen zijn, dan is het dat naar alle waarschijnlijkheid ook niet.

Op jacht

nature-3093366_1920
Bron: Pixabay.com

Zachtjes sluipt hij door het gras, op zoek naar zijn prooi. Een lekker hapje, om zijn eeuwigdurende honger te stillen. Een honger, die niet te stillen is.

Al zijn zintuigen zijn gescherpt, niets ontgaat hem. Ieder geluid, iedere beweging valt hem op. Ieder geurtje snuift hij op, in de hoop die zoete, bedwelmende geur van zijn prooi te proeven. Een geur, die hem vertelt dat zijn prooi er is. En waar zij is.

Het is niet een honger die eenvoudig te stillen is. Niet alles is geschikt, niet alles kan zijn honger stillen. Hij is uiterst kieskeurig, wat dat aangaat.

Dat was niet altijd zo. Vroeger, toen de honger veel erger was, toen er sprake was van hongersnood, toen greep hij alles aan wat hij maar kon.

Vreemd genoeg maakte dat de honger alleen maar erger. Hoeveel hij het ook probeerde, wat hij ook probeerde, het vulde niet. Het bleef niet kleven, het vervloog, als pure alcohol.

Steeds leger voelde hij zich, steeds hongeriger. Steeds wanhopiger werd hij ervan. Uiteindelijk was hij het niet die zijn prooi vond, zij vond hem. En liet niet meer los. Gelukkig maar! Het zoeken, de honger, ze waren voorbij. Voorgoed verleden tijd.

Dus sluipt hij weer op kousenvoeten door het huis, in zijn fantasie is hij omgeven door manshoog olifantsgras. Op zijn hoede, want er zijn meer jagers op pad. Je weet maar nooit waar die naar op zoek zijn.

Dan ziet hij zijn prooi, een stukje verderop. Ze heeft hem niet in de gaten. Zachtjes sluipt hij naderbij. Als hij dichtbij genoeg is, slaat hij toe. Hij neemt een grote sprong, even is er de spanning. Heeft hij wel goed getimed, en goed gemikt?

Ja! Hij heeft haar te pakken. Zachtjes en teder neemt hij haar in zijn armen en knuffelt haar overal. Hij kust haar teder, een kus die een eeuwigheid lijkt te duren.

Deze jager heeft zijn prooi gevonden, hij zal haar nooit meer loslaten.

Spring naar toolbar