Crossmotor

Het was zowaar op het nieuws laatst. De politie in Zuidoost Brabant is de strijd aangegaan met illegale crossers die veel overlast veroorzaken in natuurgebieden. Speciale teams lokken crossers in groene fuiken van netten en touwen om te voorkomen dat de crossers er alsnog vandoor gaan. De KNMV, de vereniging van de motorrijders, is verontrust over deze nieuwe methode die in haar ogen ‘absurd en levensgevaarlijk is’.

Er zitten twee kanten aan deze situatie. Aan de ene kant heb je de natuurliefhebbers, die al wandelend willen genieten van de rust en de schoonheid die onze bossen en andere natuurgebieden te bieden hebben. Aan de andere kant zijn er de crossmotorliefhebbers, die graag in de natuur willen crossen (‘off the road’) en onvoldoende gelegenheid daartoe hebben.

Er is ook de politie die netten en touwen aanbrengt met als risico dat motorcrossers die te laat zien. Er is ook de KNMV die zich zorgen maakt om de veiligheid van haar leden maar voorbij gaat aan het feit dat ze de wet overtreden door in het bos te rijden.

Het is niet altijd even duidelijk waar een wet voor bedoeld is. En niet alle wetsovertredingen zijn even erg. Ook al is het niet duidelijk waarom een bepaalde wet er is, dat wil nog niet zeggen dat deze wet zonder meer overtreden mag worden. Ook al heeft er (ogenschijnlijk) niemand last van. Dat is vaak een argument dat gebruikt wordt om de wetsovertreding te rechtvaardigen. Wellicht is het beter om je af te vragen waarom die wet er is. Als je te hard rijdt, lijkt het misschien dat niemand daar last van heeft. Even afgezien van het fijnstof, het is wel zo dat naarmate je harder rijdt je minder tijd hebt op veranderende verkeerssituaties te reageren. Als motorcrosser denk je wellicht dat het geen kwaad kan in een bos te crossen, maar wat als je een wandelaar tegenkomt? Als je niet genoeg tijd hebt om een politiefuik te ontwijken, lukt het dan wel om een wandelaar te ontwijken die ineens opduikt?

Het heeft er de schijn van dat de politie achteloos omgaat met de veiligheid van de crossers. Al moet gezegd worden dat volgens de politie sommige crossers hun kentekens onleesbaar maken. Het lijkt er ook op de KNMV wel opheft maakt over de politiemethode, maar geen oog lijkt te hebben voor het feit dat haar leden de wet overtreden. Al moet daarvan gezegd worden dat er voor crossers weinig alternatieven schijnen te zijn om hun hobby uit te oefenen.

Het zou mooi zijn als de twee kanten van deze situatie samen komen, en samen werken aan een oplossing. Eén waarbij wandelaars kunnen wandelen zonder beducht te zijn voor crossers met hun lawaai en geen risico lopen omver gereden te worden. Eén waarbij crossers naar hartenlust kunnen crossen zonder beducht te zijn voor politiefuiken of plotseling opduikende wandelaars. En één waar de natuur niet beschadigd en de fauna niet verstoord wordt.

Ongeacht het onderwerp, in elke discussie is het belangrijk respect te tonen voor elkaars stanspunt. Als wandelaars respecteren dat het voor crossers belangrijk is om te kunnen rijden, en als crossers respecteren dat wandelaars in alle rust van de natuur willen genieten, dan zijn we een eind in de goede richting. En als de natuur onbeschadigd blijft , winnen we allemaal!

Als we respect hebben voor elkaars wensen en belangen zou dat zonder meer goed moeten komen. We leven niet naast, maar mét elkaar!

Ananas

De meeste reclames zijn niet bijster interessant. Het niveau ontstijgt de grauwe middelmatigheid niet of nauwelijks. Zo af en toe springt er toch een reclamespotje uit, omdat het anders dan anders is. De bedoeling is nog steeds een product aan te prijzen, het gebeurt echter op een vernieuwende, verrassende en/of humoristische manier.

Laatst zag ik een spotje van een mobiele telefoonprovider. Een van de velen tegenwoordig, het is dan ook begrijpelijk dat ze zich met hun reclamespotje wilden onderscheiden. Dat deden ze op een aparte manier, door overmatig mobiele telefoongebruik ‘aan de kaak te stellen’. In het spotje hebben mensen een ananas in de hand, in de plaats van een mobieltje. We vinden het niet vreemd dat we regelmatig naar ons mobieltje kijken, soms wel 200 keer per dag, aldus het spotje. Als we het mobieltje eens zouden vervangen door iets anders, bijvoorbeeld een ananas, dan is het ineens anders!

In het spotje zie je dan ook mensen naar een ananas staren, zoals ze zo vaak naar hun mobiel staren. ‘Gek hè’, zegt de voice-over in het spotje, ‘als we mooie momenten zouden missen omdat we de hele dag naar een ananas staren? Waarom doen we dat dan wel met onze mobiele telefoon?’. Een goede vraag, zeker van een bedrijf dat zelf de telefoons én de belminuten en mobiel internet levert dat dit navelstaren mogelijk maakt. Je zou denken dat ze geen winst willen maken!

Het spotje gaat verder, uiteraard. ‘Want de allerleukste momenten deel je niet met een ananas. Die deel je met elkaar’. Aha, daar komt de aap uit de mouw. Want dat met elkaar delen doen we inderdaad niet met een ananas, maar met die mobiele telefoon!

De boodschap is helder, we zouden minder naar onze mobiele telefoon moeten staren. Als je zo eens om je heen kijkt, bijvoorbeeld op het terras of bij een restaurant, dan zie je veel mensen inderdaad meteen naar hun ananas, ik bedoel mobiel, grijpen. Ze kijken er naar alsof de rest van de wereld er niet is, alsof hun mobiel het allerbelangrijkste is. Ikzelf maak me er ook schuldig aan, ik betrap me er regelmatig op dat ik even kijk of er niet iets binnengekomen is. Hoewel het eigenlijk niet belangrijk is, en ik op dat moment beter contact zou kunnen maken met de mensen om me heen.

Als we echt geen mooie momenten willen missen, als we die met elkaar willen delen, dan zou ik zeggen doen we dat persoonlijk. Niet via de mobiele telefoon, niet via Facebook, Twitter of Instagram. Dat kan natuurlijk ook, het is echter geen vervanging van het persoonlijk contact. Wat is er nou mooier dan zo’n mooi moment te delen als je bij elkaar bent, en in elkaars ogen kan zien wat het betekent?

Het bedrijf koppelt er een slimme campagne aan. Als je iemand ‘betrapt’ als hij of zij afgeleid is door zijn of haar mobiel, moet je volgens het bedrijf ‘Hé, ananas!’ roepen. Uiteraard hebben ze allerlei leuke gif-bestandjes beschikbaar, kleine stukjes uit het spotje, met dezelfde boodschap. Leuk gevonden, ik ben benieuwd of het aanslaat. Het zou goed kunnen van wel, want gisteravond zei mijn vrouw het al tegen mij toen ik even op mijn mobiel keer. En dat nadat ik haar zelf op dit spotje gewezen had. Tja, ik vroeg er om.

Het blijft een leuk spotje, leuker dan de spotjes van andere mobiele telefoonproviders. Voor een deel kan ik me achter de boodschap scharen: laten we mooie momenten met elkaar delen. Gewoon met elkaar, in goed gezelschap!

Mooie herinneringen maak je niet met je mobiel, die maak je zelf! Met vrienden, familie of voor mijn part volslagen onbekenden. Leef!

4 juni

De een heeft moeite met het onthouden van belangrijke data, de ander niet. Ik prijs me gelukkig dat ik tot de laatste categorie behoor. Niet alleen wat betreft nutteloze jaartallen uit de geschiedenis, zoals het jaar dat de slag bij Nieuwpoort plaatsvond (voor de liefhebbers: dat was in 1600). Ook als het gaat om data uit mijn persoonlijke geschiedenis. Nog vraagt mijn moeder wel eens wanneer we naar een bepaald adres verhuisd zijn, wat ik op commando feilloos weet te produceren.

Er zijn data die in mijn geheugen gegrift staan, of beter gezegd die een onuitwisbare indruk gemaakt hebben. De dag dat ik mijn lief voor het eerst ontmoet heb, 26 april 2014 bijvoorbeeld. We hebben elkaar via een internetdatingsite ontmoet, heel modern. Na enig heen en weer gemail en gebel, wilden we elkaar graag zien. Als gentleman gaf ik mijn lief, die op dat moment mijn lief nog niet was, het thuisvoordeel. We spraken af bij Joe Mann, en na een fijne wandeling langs het Oud Meer (en een eerste kus!) sloten we af met een heerlijke lunch. Het een leidde tot het ander, zoals het zo mooi heet, en mijn lief werd daadwerkelijk mijn lief.

Een volgende belangrijke datum is 4 oktober. Op die datum gingen mijn lief en ik picknicken bij (opnieuw!) het Oud Meer. Het was mooi weer, we lagen heerlijk te genieten van het najaarszonnetje. We hadden plastic champagneglazen bij, niet gevuld met champagne maar met thee. Net zoals in de film leek het alsof we wijn dronken, dat was niet zo! Wel waren we dronken van liefde. Voor ik het zelf in de gaten had, zat ik op één knie en vroeg mijn lief of ze met me wilde trouwen. Tot mijn grote vreugde zei ze JA!

Wat me brengt bij de datum waar deze column over gaat: 4 juni. Een huwelijksaanzoek is prachtig, ook het moment waarop we het ouders en familie vertelden was mooi. Het is als het ware het voorspel wat leidt tot het grote moment: de trouwdag. Aanvankelijk wilden we de tijd nemen om ons voor te bereiden, er moet veel geregeld worden als je gaat trouwen. De liefde was te sterk, we wilden niet al te lang wachten en kwamen we uit op 4 juni.

Het was een prachtige dag! De dag ervoor was fris en winderig, de dag erna bloedheet. Op onze trouwdag was het weer perfect, niet te warm, niet te koud, een strak blauwe lucht met af en toe een wolkje. We trouwden in het openluchttheater bij Joe Mann, tegen een achtergrond van bloeiende rododendrons. Een week later waren die al uitgebloeid …
De ceremonie was ook mooi, om in het gezelschap van familie en vrienden je liefde voor elkaar te vieren was onvergetelijk. Met als hoogtepunt het moment waarop de trouwambtenaar zei dat we man en vrouw waren, en elkaar mochten kussen. Daar zat ik op te wachten!

Tja, ik ben een onverbeterlijke romanticus. Een die ook niet verbeterd wil worden! Ik weet niet of er nog meer bijzondere data bij zullen komen voor mijn vrouw en mij, 4 juni zal altijd bijzonder blijven. Die staat met stip op één! We zijn nu twee jaar getrouwd, vorig jaar op onze eerste trouwdag zijn we gaan lunchen bij Joe Mann. Het was leuk daar weer eens te zijn, al bloeiden de rododendrons niet. Dit jaar gingen we naar het blotevoeten pad de Lieteberg in Zutendaal, België. Gewoon met z’n tweeën, iets doen wat we erg leuk vinden en ’s avonds een romantisch diner.

Het is mooi om te constateren dat elke 4 juni speciaal is, al blijft 4 juni 2015 het meest speciaal. Dat zal zo blijven!

Herinneringen zijn mooi, het mooist is om mooie herinneringen te blijven maken.

Mijn missie

Ik heb een bijzondere kijk op de dingen om me heen, wat ik zie of hoor, op tv of in andere media. Ook het alledaagse bekijk ik vanuit een andere invalshoek. Wat we als ‘gewoon’ beschouwen, is dat eigenlijk niet. Soms ben ik kritisch op wat ik tegenkom, vaak beschouwend en altijd met een dosis humor.

Mijn missie is mijn bijzondere kijk te delen met iedereen die het horen of lezen wil. Ik hoop mensen aan het denken te zetten, of anders een glimlach op het gezicht te toveren. Als het kan, allebei!

Terreur in de trein

Het gebeurde eind mei, in een trein naar Portland in de VS. Een 35-jarige man, naar het schijnt een ‘white supremacist’, viel uit tegen twee vrouwelijke passagiers. Een van de vrouwen droeg een hijab of hoofddoek. Een ‘white supremacist’ is iemand die overtuigd is van de superioriteit van het blanke ras.

Een drietal passagiers probeerde tussenbeide te komen om de situatie te sussen, waarop de 35-jarige man gewelddadig werd en de drie mannen met een mes aanviel. Twee van de drie mannen kwamen daarbij om het leven, de derde belandde zwaargewond in het ziekenhuis. Naar alle waarschijnlijkheid zal hij het wel overleven.

Het is geen terroristische aanslag in de zin dat deze man met opzet de trein nam om vrouwen met een hoofddoek verbaal lastig te vallen. Of dat hij de intentie had om elke man of vrouw die de euvele moed zou hebben tussenbeide te komen te grazen te nemen. Het lijkt toevallig zo te zijn gelopen, met fatale gevolgen. Het is naar mijn mening wel een vorm van terreur.

Hij moet vol haat zitten, deze 35-jarige man. Een haat die verstikt en het denken onmogelijk maakt. Een haat die je van binnen opvreet, tot je alleen nog maar een holle schim bent. Wie weet was hij ooit een lief jongetje, dat zo leuk speelde met de (gekeurde) kinderen in de buurt. Het is moeilijk voor te stellen.

Des te groter is het contrast met de drie mannen die te hulp schoten. De ene was een 53-jarige veteraan die in Afghanistan en Irak gediend heeft en als technicus werkte voor de gemeente Portland. Een man met sterke overtuigingen, die bereid was daarvoor op te komen. De andere was een 23-jarige student met een veelbelovende toekomst. Hij wordt door mensen van zijn universiteit omschreven als een buitengewoon persoon, geliefd en intelligent. De derde man, die nog in het ziekenhuis verblijft, is een 21-jarige dichter die gedichten schreef tegen vooroordelen.

Het is een contrast dat we steeds meer zien in onze maatschappij, niet alleen in Amerika. Er is veel woede en boosheid, soms zelfs blinde haat. Veel mensen voelen zich achtergesteld, voelen zich bedreigd. Het is niet een gevoel dat eenvoudig onder worden te brengen is. Juist omdat het een gevoel is, wat niet per se waar hoeft te zijn, zijn deze mensen ook niet makkelijk te overtuigen van het tegendeel. Het is ook niet nodig dat we het allemaal eens zijn met elkaar, wel dat we naar elkaar luisteren en elkaars mening, geloof, etniciteit, seksuele voorkeur en cultuur respecteren. Zoals we ook willen dat anderen onze mening etc. respecteren.

Wat mij het meest bij zal blijven zijn de laatste woorden van de 23-jarige student. Een vrouwelijke medepassagier zag dat hij stervende was en wilde hem niet alleen laten. Ze kenden elkaar niet voor dat fatale moment. Ze zei tegen de student: ‘Je bent een mooie persoon. Het spijt me dat de wereld zo wreed is.’ De student sprak niet over angst, paniek of kwaadheid. Zijn laatste woorden waren woorden van liefde. Hij zei: ‘Zeg tegen iedereen, ik wil dat iedereen het weet, dat iedereen in deze trein weet, ik hou van jullie.’

Woorden van liefde en vergeving, van iemand die slachtoffer werd van blinde haat en zinloos geweld. Het toont aan hoe sterk liefde kan zijn, het toont aan dat het licht het donker kan overwinnen. Zolang wij niet toegeven aan terreur.

Spring naar toolbar