Spel van licht en water

Afbeelding van wuny via Pixabay

Het is heerlijk wakker worden, zonder wekker. Zo af en toe word ik even wakker, zonder mijn ogen te openen. Ik bevind me op de grens van slaap en wakker, ik kan nog terug. Als ik mijn ogen open ben ik écht wakker, dan kan ik niet zomaar terug. Het voelt nog vroeg, ik durf niet op de klok te kijken. Dan moet ik mijn ogen dus openen, met alle risico’s van dien. Loom draai ik me nog eens om, al snel ben ik weer in dromenland. Tot het moment dat ik genoeg geslapen heb, althans wat deze nacht betreft.

’s Zomers laten we graag de gordijnen open, om naar buiten te kunnen kijken. Als het donker is, zien we misschien de sterren, voor zover de lichtvervuiling het toelaat. Als het regent, zien we de regen tegen het raam kletteren terwijl wij nog eens extra onder de dekens kruipen. Mijn favoriet zijn zonnige zomerse zondagochtenden, met  een zon die vrolijk schijnt tegen een hemelsblauwe achtergrond, versierd met veegjes wit.

Achter ons huizenblok staan garages, als het geregend heeft, ligt er vaak een laag water op het dak. Als de zon erop schijnt, zien we een spel van licht en water op het plafond van onze slaapkamer, ’s ochtends vroeg. Als we ervan willen genieten, moeten we snel zijn, voordat de zon alweer zo gedraaid is, dat het spel voorbij is.

Gefascineerd sla ik het schouwspel gade. Schaduwen kringelen zich in speelse patronen op het plafond. De wind duwt de schaduwen zachtjes de andere kant op. Als de wind even gaat liggen, ontstaan er telkens kringen, die steeds groter worden, tot ze opgaan in grotere kringen. Het is alsof een onzichtbaar steentje midden in de poel gegooid wordt, telkens weer, in een oneindige patroon.

De schaduwen dansen over het plafond. Ze beginnen aan de andere kant, tegen de naastgelegen kamer aan, het verst van het raam vandaan. Naarmate de zon draait, komen ze dichter en dichter bij het raam, tot ze compleet verdwijnen. Het spel is uit, de dansende schaduwen zijn weer verdwenen, tot de volgende keer.

Het is tijd om op te staan en te gaan ontbijten. De dag begint, een heerlijke rustige zondag, met ’s middags nog een wandeling, misschien wel langs een ‘echte’ poel. Het spel van licht en schaduw speelt zich nog steeds af in mijn hoofd.

Ik kan niet wachten tot de volgende keer. Misschien morgen weer.

Remember September

Afbeelding van Michael Gaida via Pixabay

Als je bij Son op de A50 rijdt, kan je hem bijna niet missen. Boven de weg toornt hij uit, een replica van een Dakota DC-3, ontworpen door Martien Leenders. Een bedankje namens de inwoners van Son en Breugel aan de bevrijders. Dit jaar is het 75 jaar geleden dat ze uit de lucht kwamen dwarrelen, een onzeker lot tegemoet. De overwinning, of een bitter einde, uit de loop van een Duits geweer.

Al vele jaren stonden er kunstwerken in de vorm van parachutes langs het Dutmellapad, aan de kant van Sonniuswijk. Nu staan ze overal in de Nieuwstraat, ter nagedachtenis. Het is lang geleden, mensen die de oorlog van nabij hebben meegemaakt zijn er steeds minder. De herinnering mogen we niet laten vervagen, wie de geschiedenis vergeet is gedoemd haar te herhalen.

Oorlog is een vreselijk fenomeen, veelal om onzinnige redenen worden conflicten met geweld beslecht. Om grondgebied, grondstoffen, andere rijkdommen of voor de ‘eer’, een goede reden voor het gebruik van geweld is er niet. De Tweede Wereldoorlog, die werd gevochten tegen de rassenwaanzin en megalomanie van de Nazi’s (en de Japanners), is zeker een uitzondering. Een oorlog die de geallieerden niet wilden, een oorlog die niet te voorkomen was.

Hoe moet het geweest zijn voor de helden die in het donker uit de Dakota’s sprongen, om de vrijheid voor ons te bevechten? In de hoop de brug bij Arnhem te bereiken, in het kader van ‘Operation market Garden’, het ambitieuze plan van maarschalk Montgomery om de oorlog met enkele maanden te bekorten. Dat lukte niet, al werd het zuiden van ons land wel bevrijd. De rest volgde in de maanden daarna, tot op 5 mei heel Nederland bevrijd was en de Duitsers zich overgaven.

75 jaar vrijheid, het is iets om dankbaar voor te zijn. 75 jaar mogen we onze leiders kiezen, mogen we zeggen wat we willen en gaan en staan waar we willen. Dankzij de helden die uit de lucht kwamen vallen, of over de weg naar ons toekwamen. Vele helden hebben hun leven geofferd voor onze vrijheid, hun namen kunnen we lezen op herdenkingsmonumenten die her en der langs de route naar Arnhem staan.

Het is een mooie aanleiding voor een feest. De beste manier om deze helden te herdenken is dankbaar gebruik te maken van de vrijheid die zij ons schonken. Door niet alleen zelf vrijheid te nemen, door anderen óók die vrijheid te gunnen.

Een killerbody in 30 dagen

Bron: Pixabay.com

Het was een advertentie op Gezichtsboek, u weet wel, die altruïstische website die al vele jaren ons aller gegevens verzamelt en beschermt.

Mijn blik viel eerst op de foto. Drie mannen, in sportieve kleding, met wat naar in aanneem afgetrainde lichamen moesten voorstellen. Hun wijsvingers (van beide handen!) wezen enthousiast naar de banner onder de foto, een grote tandpastaglimlach sierde hun lippen. ‘Voor mannen uit Eindhoven e.o.’. Son ligt onder de rook van Eindhoven. Of erboven, beter gezegd.

De eigenlijke boodschap, waarvoor de heren zo wervend op de foto gingen, stond boven: ‘Killerbody in 30 dagen’, geflankeerd door twee losse armen in spierballenpose. Een intrigerende boodschap. Hebben mannen buiten Eindhoven e.o. dan geen behoefte aan een killerbody? Of hebben ze die allemaal al? Klinkt gevaarlijk, zo’n killerbody. Voor je het weet, zit je naast Frank Masmeijer.

Het was een buitenkans. Nog maar zes plaatsen, voor mannen tussen 45-55 jaar die ‘30 dagen de Uitdaging aan willen gaan’. Uitdaging met een hoofdletter nog wel. Ik ben niet vies van een uitdaging, binnen 30 dagen van een uitgezakt, wel doorvoed middelbaar lichaam naar een killerbody, dat is erg snel. Het wekte mijn nieuwsgierigheid. Wat is precies een killerbody, en waarom zou ik er een moeten willen?

Misschien dat een kijkje op de betreffende website uitkomst zou bieden. Aanmelden kon nog 5 dagen, 3 uur, 31 minuten en 33 seconden. Terwijl de seconden verder wegtikken, keek ik wat ik verder te weten kon komen. Het ging om een ‘challenge’, een programma van 30 dagen met een persoonlijk maaltijden plan én een persoonlijke coach. Wauw!

Onderaan stonden twee aanbevelingen, van Marcel (41 jaar) en Pierre (37 jaar). Een andere leeftijdscategorie, een kniesoor die daar op let. Ze waren dankbaar voor het programma, dat de discipline opleverde die ze zelf blijkbaar niet op konden brengen. De kilo’s vlogen eraf! Wat de voordelen (en nadelen) van een killerbody zijn, en hoe je ervoor kunt zorgen dat je dat goddelijke lichaam in stand houdt ná die 30 dagen, dat stond er niet bij. Mijn vragen bleven onbeantwoord, mijn nieuwsgierigheid onbevredigd, mijn twijfel niet weggenomen.

Een weekje later zag ik, óók op Gezichtsboek, een andere, minstens zo intrigerende advertentie. Voor ManShape, een soort korset voor mannen om het buikje te verbergen. Dat lijkt me een makkelijkere oplossing.

Een killerbody in 30 dagen, het klinkt te mooi om waar te zijn. Meestal is het dan ook zo.

Mo in the flow

Bron: Pixabay.com

Wie heeft hem niet zien dansen op het voetbalveld, als ware het een groene dansvloer? Mo Ihattaren, er wordt nu al om hem gevochten, door de bondscoaches van Nederland en Marokko. Een luxe probleem voor een voetballer, die nog geen 18 is. En die net aan het doorbreken is. Twee goals maakte hij de afgelopen week, één in Almelotegen Heracles, op een verdwaalde zondagavond terwijl de aandacht van voetbalfans al op de komende werkweek gericht was. En één tegen Apollon uit Limassol, een wedstrijd van levensbelang om toch nog wat euro’s bij elkaar te kunnen schrapen in de Keukenkampioendivisie van Europa. Je moet toch wat, als club.

Een ster in wording, die in de toekomst nog veel sterker zal gaan schijnen. Daar kunnen we op wachten. Als hij aan de bal komt, gebéúrt er wat. Als hij aanzet voor een dribbel, tussen drie of vier tegenstanders door, hou je je hart vast. Balverlies lijkt onvermijdelijk. Maar nee hoor, hij komt er langs. Als in een flits, als je even met je ogen knippert, is hij al weg.

Hoe lang hij nog bij PSV blijft, is een goede vraag. Wat goed is, komt snel. Een basisplaats ligt voor het grijpen, dan is de vraag hoe lang het duurt voor de topclubs uit Europa op de deur zullen kloppen van John de Jong. Haast lijkt hij niet te hebben, ook niet als het gaat om de keuze voor welk nationaal elftal hij uit wil komen.

Ik hoop dat hij voor Oranje kiest. Ik hoop dat hij ons aan nieuwe successen zal helpen, na een donkere periode vol afwezigheid op grote toernooien zijn we net weer op de goede weg. Hulp is daarbij van harte welkom!

Het valt op dat veel Marokkaanse voetballers liever een leeuw van de Atlas zijn dan een Oranje leeuw. Het zegt iets over hoezeer menig Marrokkaan zich verbonden voelt met het land waar hij vandaan komt, ook al is hij er niet geboren en kent hij het alleen van vakanties. Daarom kun je je nog wel Marrokkaan voelen. Het kan zijn dat Mo niet zelf de keuze kan maken, als er grote druk wordt uitgeoefend op hem vanuit zijn omgeving. Ik hoop dat Mo zijn hart volgt, ook al leidt hem dat naar Marokko.

Het maakt ook niet uit. Het maakt niet uit hoelang Mo nog in de Eredivisie speelt, het maakt niet uit of hij zich in het oranje hijst, of het rood en groen van Marokko. Waar hij ook gaat, in welk shirt hij ook speelt, de liefhebber zal altijd van hem kunnen genieten. Zoals we ook kunnen genieten van Messi of Christiano Ronaldo.

Zolang Mo in the flow blijft, blijf ik met ingehouden adem watertandend kijken. Go Mo!

Reken er maar niet op

Afbeelding van Dean Moriarty via Pixabay

Er is een groot gebrek aan leerkrachten, is mij verteld. Het is een waar probleem, dat nog verergerd wordt doordat wannabe leerkrachten de rekentoets niet halen. Onlangs las ik het verhaal van Charlotte, die haar droom om juf te worden op moest geven nadat ze niet slaagde.

Zo gaan er ongetwijfeld veel meer potentieel goede leerkrachten verloren. De reden dat de rekentoets werd ingevoerd, is omdat men er een jaar of tien geleden achter kwam dat de rekenvaardigheid van Nederlandse achteruitging. Dat kwam doordat de leerkrachten zelf niet goed konden rekenen.

Dat je niet iemand rekenen kunt leren als je het zelf ook niet kan, dat kan ik nog volgen. Of het invoeren van een reken- of andersoortige toets het antwoord is, als falen betekent dat je de opleiding niet mag volgen, is voor mij niet te volgen. Het is zoiets als het kind weggooien met het badwater, wie weet hoeveel goede potentiele leerkrachten afvallen door het falen voor zo’n toets, of niet eens beginnen aan de opleiding? Een aantoonbare verbetering van de kwaliteit van de leerkrachten is in elk geval niet te zien, aldus de experts.

Is het inderdaad een vereiste dat leerkrachten per se goed kunnen rekenen? Of goed zijn in taal, geschiedenis of exacte wetenschappen? Een pluspunt is het sowieso, goed les kunnen geven is een vak apart. De leraren die mij het best zijn bijgebleven, waren boeiende vertellers, niet noodzakelijkerwijs experts op hun vakgebied.

Kinderen die slecht kunnen rekenen, ook al zou de kwaliteit van het onderwijs wel verbeterd zijn, moeten die het zelf maar uitzoeken? We leven in een wegwerpmaatschappij, als de asbakken vol zijn, kopen we al een nieuwe auto, bij wijze van spreken. Misschien niet het beste voorbeeld, gezien het feit dat roken steeds minder geaccepteerd wordt, maar toch.

In plaats van leerlingen die falen voor de rekentoets weg te sturen, zouden we beter kunnen kijken op wat voor manier ze wel als leerkracht ingezet zouden kunnen worden. In plaats van te kijken naar wat iemand niet kan, kunnen we beter kijken naar wat hij of zij wél kan.

De wereld is vol van misfits, die op de een of andere manier niet aan opleidingsnormen voldeden, maar toch slaagden. Juist omdat ze ‘out of the box’ denken. Zoals Albert Einstein, geen van zijn leraren had ooit gedacht dat hij een genie zou blijken te zijn.

Reken er maar niet op, dat het spoedig zal veranderen.

Gebed zonder einde

Foto: Gineke de Laat

Als je de stripverhalen van Asterix en Obelix mag geloven, waren de oude Galliërs maar voor één ding bang. Niet van Julius Caesar. Niet hun wederhelft, die hadden deze twee verstokte vrijgezellen niet. Niet voor d’n duvel! Ze waren alleen bang dat de hemel op hun hoofd zou vallen.

Wie ooit in De Landing gesport heeft, kan zich hierbij wellicht iets voorstellen. Eind vorig jaar werd geconstateerd dat een plafondplaten los zat, waardoor het risico bestond dat de betreffende plaat naar beneden zou vallen. Iets wat verdacht veel lijkt op het vallen van de hemel zoals Asterix en Obelix vreesden. Wekenlang bleef de hal dicht, ik kan alleen maar aannemen dat ondertussen naarstig gezocht werd naar de oorzaak van en vooral een oplossing voor het probleem. De uitkomst? De platen werden allemaal verwijderd.

Dat we tegen een kaal plafond aan moeten kijken, daar valt prima mee te leven. Schijnbaar willekeurige luchtstromingen, afkomstig van de airco, maken het badmintonspel waar ik me graag aan bezondig bij tijd en wijle grillig en onvoorspelbaar. Even grillig en onvoorspelbaar als de douches, waar het altijd afwachten is of en zo ja hoe lang er warm water uit de kraan komt. Het houdt het leven interessant, zullen we maar zeggen.

Ik woon nog niet zo lang in Son en Breugel dat ik de landing gebouwd heb zien worden. Toen ik voor het eerst voet in de zaal zette, was ik blij verrast. Zo’n mooie zaal hadden we niet, bij mijn vorige badmintonclub. Een mooie, grote zaal, met zowaar tribunes. ‘Wat een luxe!’, dacht ik nog. De voorgeschiedenis kende ik niet, al hoorde ik wel de nodige verhalen. De airco en de douches, waar ik het al over had. Voor mij persoonlijk was de overlast beperkt, afgezien van een enkele koude douche. Die best verfrissend was, om eerlijk te zijn.

Mijn verbazing was dan ook groot, toen ik vernam dat De Landing eind augustus dicht gaat. Wéér! De reden? De vloer zou te glad zijn. Iets waar noch ik, noch mijn clubgenoten iets van gemerkt hebben. Evenmin als de beoefenaars van andere sporten, als ik onze oud-voorzitter Hein Cremers mag geloven. Toch is het volgens de gemeente noodzakelijk, en lukte het niet om het een en ander in de vakantieperiode te regelen. De nieuwe plafondplaten laten nóg langer op zich wachten.

Het is een gebed zonder einde, dan rest ons alleen te bidden dat de hemel niet op ons hoofd valt.

Kinderbevrijdingsfront

Bron: Pixabay.com

Misschien heeft u erover gelezen. Bij Pride Amsterdam, het bevrijdingsfestival voor anders georiënteerde medelanders, was er een man die flyers uit wilde delen voor een soort belangenorganisatie voor pedofielen, ‘Kinderbevrijdingsfront’ geheten. Een naam die bij velen weerstand oproept, al helemaal als je hoort waarom ze zo heet. De oprichter en (voor zover ik weet) enig lid, een man die zich Mark Lucius noemt, wil kinderen ‘bevrijden’ van hun ouders. Hij vindt de leeftijd waarop het legaal is seks te hebben (16 jaar) te hoog. “Waarom zouden kinderen onder de 12 jaar niet zelf mogen beslissen of ze seks willen hebben?” aldus Mark.

Als er in een relatie sprake is van evenwicht, zonder dat een van de betrokkenen op basis van leeftijd, ervaring of fysieke kracht een overwicht heeft over de ander, is er ook sprake van de mogelijkheid om te kiezen uit vrije wil. Als er geen sprake is van evenwicht, kan er ook geen sprake zijn van gelijkheid en is het risico van misbruik simpelweg te groot.

Volgens Mark is het niet zo dat hij pedofilie wil vergoelijken, al heeft het er wel verdomd veel van weg. Hij vindt dat een evenement als Pride Amsterdam ook open zou moeten staan voor mensen (vooral mannen) die op jonge kinderen vallen.

Begrip voor pedofilie, het is veel gevraagd, ook voor mij. Jonge kinderen zijn juist extreem kwetsbaar, die moeten beschermd worden. Je kunt niet van jonge kinderen verlangen dat ze al met seksualiteit bezig zijn, die moeten gewoon onbezorgd kunnen spelen en zichzelf ontwikkelen. Seks komt later, als ze er klaar voor zijn. Al verschilt de leeftijd per kind.

Je kunt pedofilie zien als een afwijking, als een ziekte. Hoe je er ook tegenaan kijkt, weggaan doet het niet. Ik vraag me af hoe iemand ertoe komt om op kinderen te vallen, het feit is dat er individuen zijn voor wie dat opgaat, zoals Mark Lucius. Als we met pedofilie omgaan zoals we met ziekte omgaan (gooi er effe een pilletje in, dat gaat het wel over), lossen we het niet op. Hoe dan wel, is de vraag.

Ik vind het dapper dat Mark voor zijn geaardheid uitkomt, juist omdat er geen groep mensen is die meer en dieper veracht worden dat pedofielen. Dat wil niet zeggen dat ik vind dat hij gelijk heeft. Hoe dapper Mark ook moge zijn, hij lijkt niet in te kunnen (of willen) inzien dat kinderen op jonge leeftijd niet kunnen kiezen, dat er sprake is van een te grote ongelijkwaardigheid.

Of mensen als Mark daadwerkelijk genezen kunnen worden, wat dat ook in moge houden, is de vraag. Tot het zover is, zou het goed zijn als pedofielen het effect van hun handelingen met jonge kinderen in zouden zien, en zich niet uitleven in donkere kamertjes ergens achteraf in Bangkok, Manila of in hun eigen slaapkamer.

Kinderen hoeven niet bevrijdt te worden, Mark, ze hoeven alleen de ruimte te krijgen om kind te mogen zijn. Volwassen zijn kunnen ze lang genoeg, kind zijn niet.

Mighty Megan strikes back

Bron: Pixabay.com

Trots stond ze op het podium, in de ene hand de gouden bal, in de andere de trofee voor de topscorer. Mighty Megan, de vrouw die hoogstpersoonlijk het gastland van de Coupe du Monde Féminine de das omdeed. En bij onze leeuwinnen.

Ze liet Sari van Veenendaal, toch geen verkeerde keeper, eruitzien als een beginneling bij de penalty, die het Nederlandse verzet brak. Sari maakte een begin om naar rechts te duiken, Megan schoof de bal in de andere hoek. Sari brak haar beweging af, duiken had geen zin meer.

Megan Rapinoe, het toonbeeld van een Amerikaanse sportvrouw. Boegbeeld van de lesbische gemeenschap in het soms niet zo heel erg vrije of verdraagzame Amerika. Ze is niet bepaald de enige lesbienne in het vrouwenvoetbal, waar anders geaarde mensen meer geaccepteerd lijken te worden dan in de macho-wereld die het mannenvoetbal pretendeert te zijn.

Megan is een vrouw van principes, die familie of vrienden niet in de steek laat. Ook niet haar broer Brian, die de lokroep van drugs en criminaliteit niet kon weerstaan. Daardoor bracht hij het grootste deel van Megans carrière door achter tralies, zonder een wedstrijd van haar te kunnen zien. Tot de finale van het WK, 2 juli 2019. Brian, het zwarte schaap van de familie, kon desondanks altijd rekenen op de steun en onvoorwaardelijke liefde van zijn zus.

Megan vocht een twitterruzie uit met de man die het tegenovergestelde is van verdraagzaamheid en gelijkwaardigheid: president Trump. Een vrouw met een uitgesproken mening en nog lesbisch ook, die scoort geen punten bij Trump. Trump, die Megan uitdaagde om het maar eens te laten zien en te winnen. En dat deed ze!

Het verzet van onze dappere leeuwinnen was tevergeefs, Mighty Megan was onweerstaanbaar. Het onvermijdelijke gebeurde. Als je dan moet verliezen, dan maar van een boegbeeld van vastberadenheid en standvastigheid, dat verzacht de pijn. Een beetje.

Megan weigerde om naar het Witte Huis te gaan voor een huldiging. Ze weigert ook om mee te zingen met het volkslied, of om haar hand op haar hart te leggen. Vanwege de ongelijkheid, die nog welig tiert in haar land, en niet alleen daar. Het is een dappere daad, in een land dat zo ongeveer stijf staat van het patriottisme. America first, weet u wel.

Megan staat voor waar ze in gelooft, voor wie ze is. Ze gaat niet opzij, buigt niet inde wind, ze geeft niet toe en ze geeft niet op. Daar kan ik alleen bewondering voor hebben.

Wie haar onrecht aan wil doen, zal het weten. Mighty Megan strikes back!

Muziek is de taal van de wereld

Afbeelding van StockSnap via Pixabay

 

Muziek is de taal van de wereld, een taal die iedereen verstaat. Een taal van klanken en melodieën, die je meevoeren naar een andere plaats, of naar een herinnering of gevoel.

Muziek is beweging. Muziek is even loskomen van jezelf, alles laten gaan en opgaan in iets dat groter is dan jezelf.

Muziek is pure emotie, soms rauw en hard, soms teder en zacht, haast breekbaar. Het brengt je in vervoering, ontroert je tot in het diepst van je ziel. Het zweept je op, zet je in beweging op een onnavolgbare manier.

Muziek is er in alle soorten en maten, van klassiek tot modern. Van gepolijste pop tot rauwe rock, van swingende jazz tot turbulente techno. Er is een enorme verscheidenheid aan muziekinstrumenten, van percussie tot snaarinstrumenten, van blaasinstrumenten tot een trekzak. Er is voor elk wat wils.

Muziek is passie, passie die je meeneemt, die het je laat uitschreeuwen van pijn, of van vreugde. Passie die je in beweging zet, die herkenbaar is. Passie die je mag meezingen, ook al heeft de muziek geen woorden.

Muziek kan je tot rust laten komen, of juist opzwepen. Het kan je stemming versterken of veranderen, al naar gelang de muziek waar je naar luistert. Het roept herinneringen en gevoelens op, of helpt ze te verwerken.

Muziek kent geen tijd en geen grenzen. Muziek voel je, in elke vezel van je lichaam. Muziek zit diep verankerd in ons wezen, baby’s kunnen al neuriën voordat ze kunnen spreken. Muziek van 100 jaar geleden blijft mooi, als het je smaak is.

Hoe diep muziek in ons verankerd zit, blijkt wel uit het feit dat bij dementerende mensen de herinneringen aan muziek gespaard blijven, waar andere herinneringen door de ziekte weggevaagd worden. Wat we ook vergeten, de herinneringen aan muziek en het gevoel dat daarbij hoort, vergeten we nooit.

Muziek is een universele taal, ook al versta je de woorden niet, je voelt wat de zanger(es) wil zeggen. Je voelt de vreugde, het verdriet, het onbegrip of de vertwijfeling. Doordat muziek is gebaseerd op gevoel, kan iedereen haar begrijpen.

Muziek is een taal die je spreekt met je heupen. Probeer maar eens stil te blijven zitten of staan, als de muziek je raakt. Zelfs vastgeroeste heupen als de mijne komen dan in beweging.

Laat de muziek maar spreken, dan heb je geen woorden meer nodig. Dan spreek je al de taal van de wereld, die iedereen verstaat.

Hittegolf

Afbeelding van Gerhard Gellinger via Pixabay

De mussen vallen van het dak. Eén voor één, al houden ze zich nog zo krampachtig vast. Bevangen door de hitte.

Het is een ware hittegolf, het zijn tropische dagen waarbij de thermometer boven de dertig graden uitkomt. Temperaturen waar wij Nederlanders niet voor gemaakt zijn. Temperaturen, waar de mussen van het dak vallen.

Hoe houd je het hoofd koel in een hittegolf? Gelukkig hebben we daar een plan voor: het Nationale Hitteplan van het RIVM. Geleerde mensen hebben er dagen, weken zo niet maandenlang op zitten broeden. Met warm weer waarschijnlijk, dan gaat het vanzelf.

Het plan staat vol goede tips, waar u en ik zelf nooit op zouden komen. Zoals nummer 1: drink voldoende. ‘Zorg dat u voldoende drinkt, ook als u geen dorst heeft’. Aha, dacht ik, eindelijk reden om mijn maten weer eens op te zoeken. Eh nee, bij voorkeur géén alcohol. Dat schijnt averechts te werken. Zou dat de vallende mussen verklaren?

Verder lezen dan maar, op naar punt 2: ‘Zorg voor koelte. Draag dunne kleding, blijf in de schaduw en beperk inspanningen tussen 12 en 16 uur.’ Het blijkt wel dat iedereen het plan heeft gelezen: ik zag de afgelopen tijd maar weinig mensen lopen in een bontjas. Of in een dikke trui, muts, sjaal en handschoenen.

Zou punt drie dan meer houvast bieden? ‘Houd uw woning koel, opwarming van de woning kan worden beperkt door tijdig gebruik te maken van zonwering, ventilator of, indien aanwezig, airconditioning.’ Tot zover kon ik het volgen, al moest de open deur nog komen: ‘Zorg voor continue ventilatie door ventilatieroosters open te houden of ramen op een kier te zetten.’ En ik maar denken dat ik ramen en deuren juist dicht moest houden om de warmte búíten te houden. Juist ja.

Nog één poging: punt 4. ‘Zorg voor elkaar: let bij warm weer extra op mensen in uw omgeving die uw hulp kunnen gebruiken.’ Op zich een logische, goede tip, maar wel een die je ook bij normale of koude temperaturen toe kunt passen.

Volgens het RIVM kun je tijdens een hittegolf last krijgen van o.a. huidproblemen zoals jeuk en uitslag met blaasjes. Dus niet meteen denken dat het aan die vermaledijde eikenprocessierupsen ligt!

Als we deze hittegolf overleven, is het dankzij de onvermoeibare, niet aflatende inzet van de mensen van het RIVM. Ik hoop dat ze er voldoende voor betaald hebben gekregen.

Moeten we niet zorgen dat de mussen ook een kopie van het hitteplan krijgen?

Spring naar toolbar